Afdeling Stolling

Het bloedstollingsonderzoek.

Bij dit onderzoek houdt de klinisch chemicus zich bezig met het opsporen van mogelijke defecten in de bloedstolling. Dit kan zowel een tekort aan stolactiviteit ( ten gevolge van het ontbreken van een of meer stolfactoren en/of afwijking in de functie van de bloedplaatjes), alsook een verhoogde stollingsneiging (ten gevolge van verhoogde activiteit van de stolfactoren en/of een verhoogde activiteit van de bloedplaatjes) zijn. De meest bekende ziekte waarbij een stolfactor ontbreekt, is de bloederziekte.
Het kan echter ook voorkomen dat bij patiënten de stolcapaciteit van het bloed kunstmatig laag gehouden moet worden. Deze vorm van behandeling moet frequent gecontroleerd worden. Dit gebeurt met een stoltest, de z.g. “PT/INR”. Op geleide daarvan kunnen de mate van bloedverdunning en de door de behandelende arts voor te schrijven bloedverdunnings-dosering vastgesteld worden.(rol van de Trombosedienst)
Developed with QwikZite (version 1.12)  Designed by Kuki & Ko